In de derde wijsheid werd zichtbaar wat er gebeurt als de geest tot rust komt: je herkent wie je werkelijk bent. Je komt thuis in jezelf, in het stille bewustzijn achter alle gedachten en gevoelens. In die ruimte ontstaat helderheid. Je voelt dat je leeft vanuit je kern, je voelt dat alles klopt. De vierde wijsheid laat het tegenovergestelde zien. Wat gebeurt er als die rust er niet is? Vṛtti sārūpyam itaratra: “Op andere momenten valt het bewustzijn samen met de bewegingen in de geest.”
WeekWijzer
Elke maandag delen we een inzicht uit de Yoga Sutra, met een reflectie voor de week. Probeer deze week eens dit:
Als je merkt dat je vastzit in een verhaal in je hoofd, pauzeer dan even. Voel je voeten, adem in en uit, en vraag jezelf: “Wat geloof ik nu over mezelf? Klopt dat?” Laat het los. En omarm het moment.
Je neemt de vorm aan van wat langskomt
Wanneer je aandacht voortdurend wordt meegezogen in gedachten, emoties en reacties, raak je uit verbinding met jezelf. Je herkent jezelf niet meer als degene die waarneemt, maar als degene die voortdurend iets moet doen: je moet iets vinden, iets oplossen of iemand zijn. En zonder het te merken, neem je de vorm aan van wat op dat moment dominant is: een gedachte, een stemming of een verhaal.
Deze staat van zijn is precies het tegenovergestelde van wat Patanjali in beschrijft over yoga: het tot rust brengen van de bewegingen in de geest. In plaats daarvan raak je hier verwikkeld in een voortdurende stroom van identificaties.

Het verschil tussen herinneren en vergeten
Wijsheid 1.3 en 1.4 horen bij elkaar als twee kanten van hetzelfde proces. In 1.3 is er de herinnering: je weet weer wie je bent. 1.4 gaat over verdwalen: je valt samen met iets dat je niet bent. Beide zijn onderdeel van het pad dat we allemaal bewandelen. En dat is geruststellend, want het laat zien dat verdwalen óók bij het leven en bij oefenen hoort.
Waar 1.3 gaat over thuiskomen, gaat 1.4 over zien wat je onderweg bent gaan geloven. Je merkt hoe makkelijk je meegaat in de verhalen die je hoofd je vertelt. Je wordt bijvoorbeeld ineens streng voor jezelf en zonder het op te merken geloof je dat die strengheid terecht is. Of je voelt je afgewezen en denkt dat dat alles zegt over wie jij bent. Maar dat is het niet. Je bent niet jouw gedachten, je bent niet jouw gevoel: je bent degene die dat alles kan zien of, in yogatermen, de Ziener.
Leren herkennen
Juist deze vierde soetra is waardevol omdat ze je uitnodigt om te herkennen wanneer je jezelf verliest. Het helpt je om je te herinneren dat we allemaal vroeg of laat even verdwalen, even uit balans zijn. We weten dat we het dan niet helder zien, dus deze wijsheid is een herinnering om ‘wakker’ te worden. Je wordt je bewust van het moment waarop je in een verhaal stapte dat niet van jou is. En dat bewustzijn maakt het mogelijk om terug te keren.
Dat gaat niet met grootse gebaren. Vaak zit het in iets kleins. Begin met een ademhaling of gewoon een korte pauze. Even opmerken dat je hoofd overneemt en de keuze maken om weer te landen in je lijf en in het moment.
Terug naar het begin
De eerste wijsheid begon met een uitnodiging: nu begint yoga. De vierde soetra helpt je om die uitnodiging steeds opnieuw aan te nemen. Elke keer dat je merkt dat je bent verdwaald en je mee hebt laten voeren, kun je opnieuw kiezen om terug te keren: naar eenvoud, naar aandacht en naar jezelf.
Over de Yoga Sutra
Dit artikel is onderdeel van een serie over de Yoga Sutra’s van Patanjali – een eeuwenoude, compacte verzameling inzichten over aandacht, oefening en innerlijke vrijheid. Elke week verkennen we één sutra op een toegankelijke en praktische manier. Ben je benieuwd naar de achtergrond van de sutra’s, hun herkomst en betekenis in de yogatraditie? Lees dan ook het algemene artikel.
